Martin van den Brink: ‘Besloten geen gekke dingen te doen’

© Mammoet Rallysport

Nederlander Martin van den Brink is de laatste Dakar etappe geëindigd als negende. De ervaren Gelderlander sluit Dakar af met een achtste plaats in het algemeen klassement van de trucks. Het ging niet zonder slag of stoot, maar Van den Brink is ‘’dik tevreden’’.

‘’Dit is de eerste keer dat we met de Renault de top 10 halen’’, zegt de Mammoet Rallysport-rijder na de 200 kilometer lange etappe van Yanbu naar Djedda. ‘’We zijn bijna elke dag zevende of achtste geëindigd en uiteindelijk ook gefinisht als achtste in het algemeen klassement.’’ De laatste dagen kon Van den Brink niet meer voluit gaan. ‘’De laatste vier dagen hebben we ook niet meer kunnen pushen omdat Wouter (de Graaff, co-coureur, red.) last had van een hoofdblessure. We moesten nog wel even over de keien heen, dus hij heeft wel wat pijn geleden. Gelukkig is hij een bikkel. Hij heeft gezegd dat hij uit wilde stappen, maar met behulp van de dokter en het hele team hebben we hem met poedertjes en pilletjes in de auto gehouden. We stonden veilig dus hebben we besloten geen gekke dingen meer te doen. Het zou natuurlijk helemaal sneu zijn als hij er niet bij was geweest aan de finish.”

Van den Brink vond het een mooie Dakar, maar heeft nog wel wat kritiek. ‘’Het was al iets beter dan vorig jaar, maar nog steeds veel te weinig duinen. De organisatie zet de etappes zo uit dat je je heel snel kunt verplaatsen naar een andere stad. Misschien doen ze dat ook om de boel een beetje te promoten en dat snap ik ook wel.’’ Hoewel Van den Brink het wel begrijpt, vindt hij het toch jammer. ‘’Over de assistentieroute zien wij gewoon honderden kilometers duinen waar ook lokale mensen aan het rijden zijn, dus waarom gaan wij daar dan niet doorheen? Het is zo mooi door die duinen, je zag het vandaag ook weer. Of ze moeilijk of makkelijk zijn maakt niet uit, je moet op blijven letten en je kunt lekker vechten. De auto heeft veel minder te leiden en vaak komt het in de duinen ook meer op stuurmanskunsten aan.’’