Terug naar de Nürburgring: drie pareltjes in de Eifel

De Formule 1 keert na zeven jaar afwezigheid weer terug op de Nürburgring. De nieuwe layout kan dan wel niet tippen aan de legendarische Nordschleife, toch staat het circuit in de Eifel, al dan niet geholpen door de weergoden, regelmatig garant voor spektakel. Grand Prix Radio pikt er drie pareltjes uit.

De naam ‘Nürburgring’ zal bij menig autosportliefhebber het hart sneller doen kloppen. De coureurs bedwongen in de jaren ‘60 en ‘70 met gevaar voor eigen leven de meer dan 20 kilometer lange Nordschleife. De ’Groene Hel’ werd in 1976 voor het laatst aangedaan, waarna in de jaren ‘80 de huidige Nürburgring werd geopend. Nadat in 2002 de eerste sector werd aangepast ontstond de Grand Prix layout zoals wij die nu kennen. In 2013 won Sebastian Vettel de laatste race op ‘de Ring’. Die Grand Prix zal niet de boeken ingaan als spektakelstuk, maar dat gaan deze drie races absoluut wel:

2007 – Winkelhock leidt Grand Prix voor Spyker

In het jaar 2007 staat er een heus Nederlands team aan de start: Spyker. De eveneens Nederlandse coureur Christijan Albers wordt na de Grand Prix van Silverstone ontslagen en wordt voor de race op de Nürburgring vervangen door reserve- en DTM-coureur Markus Winkelhock. De Duitser kwalificeert zich als laatste, maar ziet in de opwarmronde van de race donkere luchten richting het circuit drijven. Het team besluit Winkelhock naar binnen te halen en op de intermediates te zetten. En dat blijkt nog geen halve ronde later de juiste keuze: de regen komt met bakken uit de hemel. Als het hele veld naar binnen komt voor regenbanden leidt Winkelhock de race.

De baan is spekglad en in de eerste bocht schuiven vijf coureurs, waaronder Hamilton en Button, de grindbak in. Als de safety car de baan op komt schat Liuzzi de situatie compleet verkeerd in. De Italiaan mist de auto op een haar en raakt bijna een mobiele kraan. Voor de wedstrijdleiding is het genoeg om de wedstrijd stil te leggen.

Als de omstandigheden zijn verbeterd mag Markus Winkelhock de race van pole position herstarten. Spyker gokt opnieuw op regen en stuurt de Duitser op de intermediates de baan op. Dit keer pakt het niet goed uit en is Winkelhock een vogel voor de kat. Alonso wint uiteindelijk de race voor McLaren, Massa wordt tweede, Webber derde.

1999 – Sprookje voor Stewart Grand Prix

McLaren, Ferrari en Jordan maken in 1999 de dienst uit, maar het is het kleine Stewart Grand Prix dat de show steelt op de Nürburgring.

Zoals wel vaker speelt het weer in de Eifel een belangrijke rol. De van pole vertrokken Frentzen leidt de race, als het al vroeg in de race begint te regenen. Een deel van het veld, waaronder Hakkinen komt de pits in om te wisselen naar de regenbanden. De regen zet echter niet door, waardoor de coureurs die door zijn gereden in het voordeel zijn. Halverwege de race moeten de teams opnieuw beslissen of ze hun coureurs binnen gaan halen voor regenbanden. Op het ene deel van het circuit regent het, terwijl op het op het andere deel droog is. Verschillende kanshebbers op de zege, waaronder Coulthard, Fisichella en Ralf Schumacher vinden in de verraderlijke omstandigheden hun Waterloo.

Stewart-coureurs Herbert en Barrichello weten de hele race uit de problemen te blijven, maken de juiste keuzes en vinden zich opeens op de eerste en derde plaats. De zege voor Herbert komt niet in gevaar en de Brit wint met meer dan 20 seconde voorsprong op Trulli in de Prost. Barrichello finisht als derde.

2005 – Räikkönen crasht in laatste ronde

Kimi Räikkönen rijdt in 2005 voor McLaren en kent een goede aanloop naar de race op de Nürburgring. De Fin wint zowel in Barcelona en Monaco en is grootste uitdager van Fernando Alonso in de strijd om het kampioenschap. Het is echter Williams-coureur Nick Heidfeld die de race van pole start.

De wedstrijd ontvouwt zich in een tactisch steekspel, waarbij Heidfeld, Räikkönen en Alonso vechten om de leiding van de wedstrijd. De drie wisselen regelmatig de koppositie af, maar na de laatste serie pitstops lijkt Räikkönen op de winst af te stevenen. De Fin heeft zich echter verremt en heeft te maken met steeds meer vibraties in zijn McLaren. Opgejaagd door Alonso gebeurt in de laatste ronde van de race het onmogelijke: de voorwielophanging van de McLaren breekt bij het aanremmen voor de eerste bocht af en Räikkönen ziet de zege door zijn vingers glippen. Alonso wint de race, voor Heidfeld en Barrichello.