Vijf oud-wereldkampioenen die een late comeback maakten

(c) Mercedes

In 2021 keert Fernando Alonso op 39-jarige leeftijd terug in de Formule 1. De comeback van de Spanjaard mag dan wel enigszins verrassend zijn, maar uniek om als wereldkampioen op latere leeftijd weer in een Formule 1-auto te stappen is het zeker niet. Grand Prix Radio zet vijf bijzondere comebacks van wereldkampioenen op leeftijd op een rijtje.

Mario Andretti, 1982 (42 jaar)

Alleskunner en racelegende Mario Andretti wordt in 1982 door twee verschillende teams gevraagd terug te keren in de Formule 1. De dan 42-jarige oud-wereldkampioen rijdt één race voor Williams, maar weet de finish niet te halen. Later dat jaar hengelt ook Ferrari naar zijn diensten om de races in Monza en Las Vegas te rijden. Bij zijn rentree op de temple of speed pakt Andretti prompt pole position en eindigt hij de race als derde. Zijn race op het parkeerterrein van het Caesars Palace hotel zou definitief zijn laatste Formule 1 race worden.

Michael Schumacher, 2010 (41 jaar)

Nadat Michael Schumacher in 2006 vrij onverwacht zijn afscheid aankondigt, staat de zevenvoudig wereldkampioen drie seizoen langs de zijlijn. Als in 2010 Mercedes zijn rentree in de Formule 1 maakt, strikt het Schumacher als nieuwe kartrekker. De toen 41-jarige Duitser heeft het echter lastig met zowel zijn teamgenoot Nico Rosberg als de niet-competitieve auto. Schumacher weet in drie seizoenen slechts één keer het podium te beklimmen en neemt in 2012 definitief afscheid van de autosport.

Nigel Mansell, 1994 en 1995 (41 jaar)

In 1992 sleept Nigel Mansell in zijn dertiende Formule 1-seizoen eindelijk het wereldkampioenschap binnen. Desondanks verlaat hij het team van Williams en gaat een avontuur in de Amerikaanse CART-series aan. In 1994 maakt hij op 41-jarige leeft zijn rentree bij het Britse team, waar hij David Coulthard voor de laatste drie races van het seizoen vervangt. Mansell wint verrassend de Grand Prix van Australië en tekent voor 1995 bij McLaren. De Brit past echter niet in de auto en mist de eerste races van het seizoen. Als zijn aangepaste bolide ook niet competitief blijkt te zijn geeft Mansell er al na twee races de brui aan.

Alain Prost, 1993 (38 jaar)

Als Alain Prost in 1991 openlijk kritiek geeft op zijn Ferrari en het team is voor de Italianen de maat vol. Het zet de drievoudig wereldkampioen op straat. Prost neemt een sabbatical in 1992, maar keert een jaar later op 38-jarige leeftijd alweer terug. Hij tekent bij het team van Williams en zit daarmee zijn grote rivaal Ayrton Senna dwars, die ook mikte op een stoeltje bij het topteam. “The Professor” en Senna vechten in 1993 een harde strijd op en naast de baan uit. Prost trekt aan het langste eind, wordt voor de vierde keer wereldkampioen en beëindigt zijn Formule 1-carrière.

Alan Jones, 1985 (38 jaar)

Alan Jones wordt in 1980 wereldkampioen met het team van Williams. De Australiër rijdt nog één seizoen voor het Britse team, voordat hij afscheid neemt van de Formule 1. Jones keert voor het eerst kortstondig terug in de koningsklasse van de autosport in 1983. Hij rijdt één race voor het team van Arrows. Zijn echte comeback volgt echter in 1985 als hij instapt bij het gloednieuwe Team Haas. Een succes wordt het echter niet. De 38-jarige Jones valt vaker uit dan dat hij de race finisht en pakt in twee seizoen slechts twee keer punten. In 1986 besluit hij zijn Formule 1-carrière.