Die ene keer: Jarno Trulli wint in Monaco

(c) F1 Twitter

De Formule 1 halen is voor vele jonge coureurs een droom. Maar als je eenmaal in de koningsklasse van de autosport zit, dan jaag je je volgende doel na: een overwinning behalen. En dat dat niet voor iedereen is weggelegd blijkt wel; er zijn 108 verschillende Grand Prix winnaars in de historie van de Formule 1. Voor een aantal coureurs bleef het bij die ene keer. Deze keer: Jarno Trulli, die in 2004 de Grand Prix van Monaco won.

Vliegende start

Jarno Trulli wordt op 12 juli 1974 geboren in het Italiaanse Pescara. De Italiaan, vernoemd naar de verongelukte motorcoureur Jarno Saarinen, wordt in 1991 wereldkampioen karting. Vanaf dat moment is de loper uitgerold voor Trulli en bevestigt hij zijn talent door vijf jaar later het Duitse Formule 3 kampioenschap te winnen. Hij verslaat onder andere Nick Heidfeld.

Met het kampioenschap op zak verdient Trulli een stoeltje bij Minardi. De Italiaan weet direct indruk te maken door in zijn eerste drie Grand Prix’ twee top 10 resultaten voor het kleine team te scoren. Als Prost Grand Prix coureur Olivier Panis zijn been breekt tijdens de Grand Prix van Canada is, Alain Prost er als de kippen bij om Trulli aan te nemen als diens  vervanger. Prost Grand Prix is op dat moment een team om serieus rekening mee te houden. Panis heeft voor zijn blessure als twee podiums behaald. Trulli’s beste resultaat als zijn vervanger is de vierde plaats op de Hockenheimring. 

Punten sprokkelen

Trulli blijft bij Prost, maar het Franse team zakt steeds verder weg op de grid. Als donderslag bij heldere hemel is daar in 1999 plots wel het eerste podium voor Trulli. In een knotsgekke race op de Nürburgring, gewonnen door Johnny Herbert in de Stewart Grand Prix, stuurt Trulli zijn auto als tweede over de finish.

De Italiaan maakt in 2000 de overstap naar Jordan. Met het team van Eddie Jordan weet Trulli wel weer regelmatig punten te scoren, maar podiums zitten er niet in. Flavio Briatore is de manager van Jarno Trulli en hij trekt zijn pupil aan als coureur bij zijn eigen Renault team in 2002. Trulli wordt eerst teamgenoot van Jenson Button en krijgt vanaf 2003 Fernando Alonso naast zich. In 2004 weten beide coureurs zich zo nu en dan voor aan de grid te melden en een aantal podiums te scoren.

Kwalificatiekanon maakt het waar

Het staat er echt op zaterdag 22 mei 2004: Jarno Trulli op pole position. De Italiaan had de jaren ervoor naam gemaakt als kwalificatiekanon, maar tot een plek met het beste uitzicht op zondag had het nog niet geleid. In de races had Trulli het vaak moeilijker, met de bekende Trulli train tot gevolg. Maar waar kan je beter je auto breed maken en de machinist van de Trulli trein zijn dan in Monaco?

De start van de race verloopt volgens plan voor Trulli en Renault. De Italiaan komt als eerst door Sainte Dévote en ziet teamgenoot Alonso achter zich aansluiten. De twee BAR auto’s van Button en Sato volgen daarachter. In de vierde ronde van de race ploft de Honda van Takuma Sato in Tabac en laat een gigantisch rookgordijn achter op het circuit. Fisichella rijdt in zijn Sauber achterop David Coulthard en belandt ondersteboven tegen de vangrail. Een safety car fase volgt, waardoor de voorsprong die de Renaults hadden opgebouwd weer teniet wordt gedaan.

Als de race wordt hervat valt de ene na de andere coureur uit. Ook Fernando Alonso bereikt de finish niet. Als hij achterblijver Ralf Schumacher in de tunnel probeert in te halen, komt de Spanjaard op de marbels terecht en crasht hij met 270 km/h de muur in. Opnieuw volgt een safety car en ziet Trulli zijn voorsprong verdwijnen. Achter de safety car gaat het vervolgens helemaal fout voor Michael Schumacher. Als hij in de tunnel vol op de rem gaat staan, kan Juan Pablo Montoya in de Williams hem niet meer ontwijken en duwt hij de Ferrari de muur in. 

Trulli is is daarna nog altijd de koploper en bouwt een flinke voorsprong uit op Jenson Button in de BAR. De Brit zit echter goed in zijn ritme en weet ronde na ronde de voorsprong kleiner te maken. Op de finish heeft Trulli nog minder dan een seconde over, maar dat zal de Italiaan niet deren. Hij wint voor het eerst een Formule 1 Grand Prix. En nota bene de meest prestigieuze van allemaal: de race in Monaco. Rubens Barrichello finisht op P3, nog net in dezelfde ronde. Alle andere coureurs zijn door Trulli op een of meer ronden gezet.

Bekoeld

Na zijn overwinning in Monaco gaat het bergafwaarts met Trulli. Hij scoort nog wel een paar keer punten, maar de relatie met Briatore raakt bekoeld. De Italiaan wordt zelfs de laatste drie races van het seizoen aan de kant gezet ten faveure van oud-wereldkampioen Jacques Villeneuve. Trulli verkast direct naar Toyota, waar hij Cristiano da Matta vervangt. In 2005 blijft Trulli aan het Japanse team verbonden en weet hij onder andere te verrassen met twee tweede plaatsen aan het begin van het seizoen. De seizoenen daarna verlopen wisselvallig, maar in 2009 is daar weer de ommekeer. In dat jaar stuurt hij de Toyota drie keer naar het podium. 

Als het Japanse merk besluit de stekker uit het Formule 1 project te trekken verhuist Trulli voor een laatste kunststukje naar Lotus. Achteraan de grid kan Trulli echter geen potten meer breken. En dus blijft het voor de Italiaan bij die ene overwinning. 23 mei 2004, de dag dat Jarno Trulli zijn Renault in Monaco als eerste over de streep stuurt.