Seizoensreview Red Bull: In alle opzichten een jaar van uitersten

(c) Red Bull Content Pool

Heel even was daar begin dit jaar tijdens de wintertests de hoop dat Red Bull Racing het gat met Ferrari en Mercedes had gedicht. De Renault-krachtbron oogde betrouwbaarder dan in eerdere seizoenen en maakte flink wat kilometers. Bovendien leek Ferrari met name in de longruns minder snel dan voorheen. In Melbourne bleek echter dat er weinig veranderd was in de verhoudingen tussen de teams waarna Red Bull opnieuw genoegen moest nemen met een bijrol.

Niettemin was 2018 voor Red Bull wat het aantal zeges betreft het beste seizoen sinds kampioensjaar 2013. Max Verstappen en Daniel Ricciardo mochten beiden twee keer naar de hoogste plaats op het ereschavot. Voor de Australiër, die het hele seizoen te kampen had met technisch malheur, waren dat zijn enige podiumplaatsen van het jaar. Verstappen mocht in totaal elf keer naar het podium.

Voor beide coureurs was het een seizoen van uitersten. Verstappen verlengde eind vorig jaar zijn contract bij de energiedrankjesfabrikant en leek, gezien het momentum dat hij in 2017 had, als teamleider het seizoen te starten. Ricciardo had een aflopende verbintenis en moest nog met Red Bull plaatsnemen aan de onderhandelingstafel.

(c) Red Bull Racing

Op de baan bleken de verhoudingen in de beginfase van het seizoen totaal omgekeerd te zijn. Verstappen was in de kwalificaties sneller dan zijn teamgenoot, maar in de races raakte hij – al dan niet door zijn eigen toedoen – meerdere keren in opspraak. In Australië spinde hij en in Bahrein viel hij uit na een clash met Lewis Hamilton. In China tikte hij kampioenschapsleider Sebastian Vettel in de rondte en in Baku crashte hij met teamgenoot Ricciardo.

Tijdens de Grand Prix van Spanje pakte Verstappen zijn eerste podium, maar ook in die race – hij beschadigde achter de virtual safeytcar zijn voorvleugel op Lance Stroll – was hij niet foutloos. In Monaco was Red Bull in alle trainingen ongenaakbaar, maar Verstappen crashte in de laatste oefensessie waardoor hij niet kon kwalificeren en achteraan moest starten.

Tot overmaat van ramp voor de Nederlander bleef Ricciardo goed presteren. De Australiër won in China en Monte Carlo. Na die laatste race durfde hij zich zelfs een outsider voor het kampioenschap te noemen.

Ricciardo: ‘Eindelijk verlossing’ (c) Red Bull Content Pool

Zover kwam het niet. Monaco bleek de laatste podiumplaats voor Ricciardo van het seizoen te zijn. Verstappen keerde zijn kansen en maakte sinds de Canadese Grand Prix, die na Monaco volgde, geen enkele fout meer. Hij viel uit in Groot-Brittannië en Hongarije, werd vijfde in Italië en Rusland, maar bij alle andere Grands Prix scoorde hij een podium. Een ongekende statistiek, die hem een vierde plaats in het kampioenschap opleverde.

Renault bleef achilleshiel Red Bull

Ook dit jaar bleek de Renault-motor de achilleshiel van de Red Bull te zijn. De krachtbron miste snelheid op het rechte stuk. Red Bull kon dat bij veel Grands Prix nog compenseren met het chassis, maar ook de betrouwbaarheid – met name bij Ricciardo – bleek niet op orde. Daar kwam ook nog eens bij dat Verstappen en Ricciardo niet over de zogeheten ‘party-mode’ beschikten tijdens de kwalificatie, waardoor zij vrijwel altijd genoegen moesten nemen met een vijfde of zesde startpositie.

De sores tussen Red Bull en Renault resulteerden uiteindelijk in een vechtscheiding. De autosportgiganten smeten met modder naar elkaar, waardoor een verdere samenwerking niet langer denkbaar was. Red Bull koos voor het enige alternatief dat voor handen was: Honda.

Het Japanse automerk leverde sinds 2015 zonder succes motoren aan McLaren. Die samenwerking eindigde eind 2017, waarna Honda motoren ging leveren aan Toro Rosso, het dochterteam van Red Bull. Honda en Red Bull hebben er geen geheim van gemaakt dat de renstal uit Faenza afgelopen jaar vooral gebruikt is als testteam. Toro Rosso eindigde – mede door een reeks aan gridstraffen na motorwissels – als voorlaatste in het kampioenschap.

Niettemin is men bij Red Bull hoopvol gestemd. Na een grote upgrade die Honda voorafgaand aan de thuisrace in Japan introduceerde durfde Red Bull zelfs te zeggen dat zij met een Honda-motor in de RB14 zo’n vijf á zes tienden per ronde sneller zouden zijn geweest. Of dat grootspraak was, of dat het echt klopt zullen we waarschijnlijk pas in februari 2019 weten, als de wintertests op het programma staan.