Verstappen en Ricciardo kijken uit naar Hungaroring

(c) Red Bull Racing

Komend weekeinde zal de twaalfde race van het seizoen worden verreden. De Hungaroring is het toneel van de Hongaarse Grand Prix. Het is tevens de laatste kans voor coureurs en teams om punten te pakken voor de zomerstop, zo ook voor Max Verstappen, Daniel Ricciardo en Red Bull.

“Moeilijk te beheersen”, zo omschrijft Max Verstappen de bochtige Hungaroring. “Eerst moet je vol in de remmen voor bocht 1 en dan krijg je bocht 2 die ‘off camber’ is en je naar buiten probeert te drukken vanaf de binnenkant.” Volgens de Red Bull-coureur moet je het circuit heel precies benaderen om elke bocht optimaal te kunnen aanvallen. “Bocht 4 moet je nagenoeg blind in, dus in het begin is voorzichtigheid geboden. Gedurende het weekeinde kun je hier steeds meer risico nemen.”

De snelle rechterbocht met nummer 11 is favoriet bij Verstappen: “Wanneer je die goed neemt dan geeft dat een speciaal gevoel. Ook een goede exit uit de laatste bocht is volgens de Limburger belangrijk: “Het rechte stuk is zo lang dat je zoveel mogelijk snelheid wil meenemen”.

‘Monaco zonder muren’

Zijn teammaat Daniel Ricciardo is ook dol op de Hongaarse Grand Prix: “Iedereen zegt altijd dat het Monaco zonder muren is, maar dat is niet zo. Hongarije is Hongarije!” Volgens de goedlachse Australiër is het “snel, normaal gesproken erg heet en ook al is het er erg smal, blijft er genoeg ruimte om in te halen en gebeurt er altijd wat.”

Volgens Ricciardo is de middensector de beste van het hele seizoen: “Deze is vrij snel met korte, opeenvolgende veranderingen van richting. Het asfalt was vroeger erg hobbelig maar dat is recentelijk aangepakt. Ik heb het circuit altijd erg gemogen, maar de stad is ook erg gaaf. Boedapest is verbazingwekkend. Het is er schoon en netjes, er is erg goed eten en omdat het de laatste race voor de zomerstop is, hangt er ook een vakantiesfeer in de paddock.”

Goulash

Ook Verstappen komt graag in Boedapest: “Het heeft de reputatie van feest-stad, al heb ik nooit de tijd gehad om dat te ervaren. Wanneer je langs de oevers van de Donau gaat wandelen zie je beide delen van de stad, Boeda en Pest. Ik probeer ook altijd een bord Goulash te bemachtigen wanneer ik in Hongarije ben, ik ben er dol op, meestal eten we dat zondagavond, na de race.”