Eindelijk gelukt: Lorenzo pakt zijn zege met Ducati

Met de frustratie over het uitblijven van een zege op het hoogtepunt, pakte Jorge Lorenzo ‘m dan toch: zijn eerste overwinning voor Ducati. De Spanjaard leidde de Grand Prix van Italië van begin tot eind, met teamgenoot Andrea Dovizioso op plaats 2 en Valentino Rossi op plaats 3; zijn 194ste podiumplaats.

Lorenzo zat er al een paar keer dicht bij, maar het huwelijk tussen de drievoudig MotoGP-kampioen en de Italiaanse renstal leek toch niet te brengen wat beide partijen ervan verwacht hadden. Het duurde achttien maanden voordat Lorenzo zijn vorstelijke salaris kon waarmaken. Het duurde zo lang, dat de scheidingspapieren al op tafel liggen. Of die weer in een la verdwijnen, nu Lorenzo heeft laten zien dat hij wel degelijk kan winnen met een Ducati die is aangepast aan zijn rijstijl, is nog maar de vraag.

“Had ik de aanpassingen waar ik om vroeg aan het begin van het seizoen gekregen, of een maand geleden, dan had ik nu al twee of drie overwinningen kunnen hebben en had ik met zekerheid kunnen zeggen dat ik bij Ducati blijf”, sprak hij met een wat cynisch lachje. “Maar het is nu te laat. Ik denk dat ik volgend jaar op een andere machine rijd.”

De lichaamstaal van Lorenzo – met de helm op de tank – sprak boekdelen: de vreugde, opluchting en emotie spatten ervan af toen hij over de finish kwam. Alle frustratie van de afgelopen maanden kwam er uit. “Dit was minstens even emotioneel als toen ik in 2010 mijn eerste MotoGP-wereldtitel behaalde”, bekende Lorenzo.

Zowel hij als Ducati kreeg veel kritiek te verduren, maar de Spaanse coureur bleef stoïcijns zeggen dat het wel goed zou komen, mits hij een machine kreeg die hem vertrouwen gaf. Die belofte maakte hij waar op Mugello, een snel en vloeiend circuit waar de topsnelheid van de Ducati (Dovizioso klokte zaterdag met 356 kilometer het all-time snelheidsrecord) uitstekend tot zijn recht komt.

“Ik ben er altijd in blijven geloven”, zei hij na afloop. “Vorig jaar zat ik er al dicht bij en dit jaar ook, in Jerez en Le Mans. Ik kon alleen de snelheid en het ritme niet vasthouden, maar dankzij een nieuwe brandstoftank heb ik meer ondersteuning en kon ik het tempo wel hoog houden. Ik was een beetje bang dat de voorband het niet zou houden en heb mijn rijstijl daarop aangepast. Het was de grootste aanpassing van de trainingen naar de race die ik ooit heb gemaakt.” Het betaalde zich ruimschoots uit. Lorenzo reeg de rondetijden ouderwets constant aan elkaar: van de 23 ronden waren alleen de laatste drie (waarin hij een riante voorsprong van meer dan 6 seconden had op Dovizioso) boven de 1.48.

Marquez crasht

Aan het einde van ronde 5 verspeelde Marc Marquez zijn kansen op een zege in Mugello. In tweede positie rijdend ging hij onderuit in bocht 10 (Scarperia). Hij deed alle moeite om de glijdende Honda weer overeind te trekken, maar deze keer lukte dat niet. Marquez kon de race wel vervolgen en kwam als achttiende weer in de baan met 24 seconden achterstand, om uiteindelijk als zestiende over de streep te komen. Het was pas de eerste crash in een race sinds Le Mans vorig jaar voor de regerend wereldkampioen. Zijn leidende positie in het WK houdt hij. Valentino Rossi staat daarin nu tweede, op 23 punten achterstand.

In de eerste drie ronden waren er al zes rijders gecrasht, onder wie Jack Miller en Marquez’ teamgenoot Dani Pedrosa. In de meeste gevallen lag de hoge asfalttemperatuur (52 graden Celsius) daaraan ten grondslag. Het was dit raceweekend nog niet eerder zo warm, zodat voor iedereen onduidelijk was wat de grip en de banden zouden doen.

Eén-twee voor Ducati

Ook Andrea Dovizioso en Valentino Rossi hadden grote problemen met de banden gehad, vertelden ze na de finish. “Het was de verkeerde keuze”, vond Dovizioso, “maar het was voor iedereen een gok. Ik kon niet vanaf het begin pushen en bij Jorge blijven om mee te doen voor de overwinning. Maar na twee crashes en geen punten, is deze tweede plaats al erg fijn. Voor Ducati is het super om juist hier in Mugello als 1 en 2 te finishen. Jorge heeft een perfecte race gereden”, complimenteerde Dovizioso zijn teamgenoot.

Rossi moet ervoor knokken

Valentino Rossi zei het moeilijk te hebben gehad met de voorband. “Zeker in het begin. We moesten met de harde optie rijden, vanwege de warmte, maar het duurt even voor die genoeg grip heeft. Ik heb een keer of drie, vier echt mazzel gehad dat ik niet gecrasht ben. In het tweede deel van de race was de harde voorband wel de goede keuze. Dat mijn concurrenten in het groepje een zachtere optie hadden, heeft mij het podium opgeleverd.”

Rossi moest hard werken voor het podium; de eerste keer in vier jaar tijd dat hij op zijn geliefde Mugello weer eens met champagne mocht spuiten. “Het ging er tot in de laatste ronde hard aan toe”, grinnikte de veteraan, die de hele wedstrijd in felle gevechten verwikkeld was met onder andere Danilo Petrucci en in de slotronde nog moest afrekenen met Andrea Iannone op de Suzuki.

Rossi was dolblij met zijn derde plaats, die hem genoeg punten opleverde om de tweede plaats te bezetten in het kampioenschap en de magische grens van een carrièretotaal van 5000 te breken. “Twee podiums achter elkaar (ook in Le Mans werd hij derde) is fantastisch, maar een podium in Mugello is helemaal geweldig”, vond hij. “Die tien minuten op het podium in Mugello maken alles goed waar je zo hard voor hebt gewerkt. Voor dat soort momenten blijf ik racen. Daar krijg ik nooit genoeg van. Het volgende doel is echter niet alleen maar het podium. Ik wil meedoen voor de overwinning.”

Vanwege zijn poleposition waren er nog meer fans naar het circuit gekomen, dat daardoor al voor de start in een gele mist gehuld ging. Een uur na de race stonden er nog zoveel mensen voor het podium Rossi’s naam te scanderen, dat hij nog een keer terug naar buiten kwam om zijn fans toe te spreken en te bedanken.