Een wandeling door de wijk waar Ayrton Senna opgroeide

Vanaf komende dinsdag 5 juni ligt het nieuwe boek van Olav Mol en Erik Houben in de winkel: ‘Senna, leven en carrière van ’s werelds beste coureur’. Voor het boek reisden Mol en Houben vorig jaar af naar São Paulo en doken daar in het indrukwekkende leven van de drievoudig wereldkampioen. Het levert een fascinerend inkijkje op in de wereld van de beste Formule 1-coureur aller tijden. We mochten het boek alvast lezen en een deel publiceren:

In de voetsporen van Ayrton Senna da Silva

Het is acht uur ’s ochtends en gelukkig nog niet te heet als ik met Erik Houben door de straten van São Paulo struin. We gaan vandaag eens zelf kijken waar het allemaal begonnen is met het jongetje Ayrton Senna, of Ayrton da Silva, hoe hij toen nog door het leven ging. Regelmatig valt te lezen dat hij is opgegroeid in een welgestelde familie, maar veel meer dan dat staat er vaak niet. We gaan daarom de buurten van zijn jeugd af. Gaandeweg hopen we wat mensen te spreken die ons meer over vroeger kunnen vertellen.

Het gezin Senna da Silva is in de twintig jaar voordat Ayrton naar Engeland vertrok drie keer verhuisd. Alle vier de huizen waar ze hebben gewoond staan in de Zona Norte van São Paulo, ten noorden van de rivier Tietê, de natuurlijke scheiding tussen noord en zuid. De eerste twee staan in de wijk Santana, de laatste twee nog noordelijker, in Tremembé.

Onze start is op de hoek van de Rua Aviador Gil Guilherme en de Avenida Santos Dumont, waar Ayrton de eerste vier jaar van zijn leven woonde. De avenida is een brede weg die de wijk Santana met het centrum van São Paulo verbindt, de rua kruist verderop een van de drukste winkelstraten van de buurt. Het huis zelf is inmiddels afgebroken, en er is een laag vierkant gebouwtje voor in de plaats gekomen. Huizen, winkels en bedrijfspandjes wisselen elkaar hier af, wat het gezellig druk maakt op straat. Op de hoek tegenover de plek waar het huis stond, zit een man op een stoepje met naast zich een halveliterblik Brahma-bier. We spreken hem aan, en hij bevestigt dat Ayrton Senna aan de overkant heeft gewoond. De man vertelt honderduit, maar we merken dat die halve liter bier niet zijn eerste is van die dag en kunnen hem gewoonweg niet verstaan.

Fenix Club (c) Erik Houben

We gaan kijken bij het pand dat er nu staat, dat volgens een zwart bord boven de deur als laatste dienst heeft gedaan als ‘Fênix Club’. Het oogt vanbuiten wat vervallen, en we zien dat een van de deuren openstaat. We gaan naar binnen en komen in een halletje met een balie. Op onze navraag komt geen reactie, dus we gaan verder naar binnen en zien een bar in een open ruimte. Naarmate we verder lopen wordt het steeds donkerder, en als Erik over een omgevallen barkruk struikelt en op het verlaten dansvloertje crasht, besluiten we maar weer terug te lopen naar de ingang.

We zien daar ineens een dikke oude boom die we bij binnenkomst niet hebben gezien, midden in de entree. Het pand is zo te zien om de boom heen gebouwd; misschien dat het de eerste klimboom van Ayrton Senna was en nu een beschermd historisch monument is? We fantaseren maar niet verder, gaan terug de straat op en nemen wat foto’s van het lelijke bouwsel, dat inderdaad een joekel van een boom uit het dak heeft steken. Het is de plek waar het allemaal is begonnen met de kleine Ayrton, een gewone gezellige volksbuurt.

We gaan te voet naar het volgende huis, in de Rua Condessa Siciliano. Op de kaart is het niet ver lopen, maar in de praktijk moeten we in de volle zon een flinke heuvel opklimmen. Onze klimtocht wordt wel beloond met een prachtig uitzicht over de stad vanuit het parkje op de top, het Mirante de Santana (uitzichtpunt van de wijk Santana).

Rua Condessa Siciliano (c) Erik Houben

Het huis zelf is middelgroot, en de architectuur is uit de zestiger jaren. Er is geen grote tuin, maar dat hebben maar weinig huizen in de stad. Veel families hebben buiten de stad een boerderij of weekendhuisje, op plaatsen waar de grondprijs veel lager is dan in São Paulo zelf.

Hier op de top van een heuvel is er nauwelijks doorgaand verkeer, en het is dus betrekkelijk rustig op straat. Ideaal wanneer je, zoals Ayrton, op je vierde verjaardag je eerste kartje hebt gekregen. De bestrating is een mengelmoes van kasseien en versleten plakken asfalt, en er zijn veel bochten en hoogteverschillen. Zeker in het voorjaar valt er bijna dagelijks een klein buitje. Me dunkt dat je onder zulke omstandigheden een goede wagenbeheersing ontwikkelt.

In het parkje met het uitzichtpunt is een man met een kinderwagen gaan zitten, die nieuwsgierig naar ons kijkt. Wij lopen zijn kant op en maken kennis met Joaquin, die zijn leeftijd niet wil zeggen, maar wel kwijt wil dat hij de opa is van de kleine jongen in de kinderwagen. Hij heeft vroeger verder heuvelaf in dezelfde straat als Ayrton gewoond, maar is inmiddels naar een flat in de stad verhuisd. Vandaag heeft hij de oppasdag die hem wekelijks terugbrengt bij zijn familie in de wijk. Hij herinnert zich dat het in de jaren zestig heel rustig was op straat, en dat er door de kinderen volop buiten werd gespeeld, veel meer dan nu. En het opvallendste was Ayrton, die weliswaar ietwat verlegen was, maar van iedereen het meeste herrie maakte met zijn kart. Hij reed dan een paar rondjes en ging telkens terug de oprit van zijn huis op om te sleutelen. Steeds weer probeerde hij sneller te gaan. We wijzen op de kinderwagen en grappen dat zijn kleinzoon misschien wel de nieuwe Ayrton Senna is, maar Joaquin vreest dat er over twintig jaar helemaal geen Formule 1 meer is. Hij heeft begrepen dat de sport elektrisch gaat worden, zonder geluid, en zonder coureurs die hun auto ook technisch vanbinnen en vanbuiten kennen. Dat laatste is volgens hem iets wat Ayrton zo goed maakte: ‘Wat hij tijdens het rijden met zijn billen voelde, kon hij daarna zelf met zijn eigen handen aanpassen. Hij voelde met zijn lijf of elke schroef, stang en demper goed zat, of dat het anders moest.’

Het is inmiddels lunchtijd, en vanwege de warmte besluiten we een taxi te nemen. Die brengt ons in tien minuten naar de wijk Tremembé, waar het gezin Senna da Silva rond Ayrtons twaalfde naartoe verhuisde. We laten ons op advies van de taxichauffeur afzetten bij het restaurant Recreio da Serra, op de hoek van de Rua São Pedro en een van de hoofdstraten van Tremembé. De buurt is iets rustiger dan Santana en ligt nog wat verder van het centrum van São Paulo. Het doet beseffen hoeveel afstand Ayrton en zijn vader telkens aflegden als Ayrton met zijn kart naar Interlagos ging om te trainen en later te racen. Vanuit het huis aan de Rua São Pedro naar de kartbaan is het maar 33 kilometer, maar dan wel dwars door een van de drukste steden ter wereld, ook toen al. In de praktijk is het dan ook één tot anderhalf uur rijden.

We gaan naar binnen bij het drukke restaurant, waar je zelf je bordje vol schept, en schuiven aan bij een lange tafel met meerdere mensen. Erik hangt zijn blauwe Senna-pet aan zijn stoel, en een van de mannen tegenover ons wijst naar het daarop afgebeelde logo van Nacional, de Braziliaanse bank die Ayrton Senna tijdens zijn hele Formule 1-carrière sponsorde. Hij vertelt dat hij vroeger via die bank naar de Grand Prix in Rio en later São Paulo ging. Het was altijd groot feest, maar tegelijk een beetje frustrerend, omdat het tot 1991 duurde voordat Ayrton zijn eerste thuisrace won. De man heet Claudio, is 57 jaar oud (hij stamt net als Senna uit 1960) en woont zijn hele leven al in Tremembé. Hij heeft gewerkt bij een autobedrijf en kende de familie Senna da Silva omdat hij klant was bij het toenmalige auto-onderdelenbedrijf van Ayrtons vader. Wat Ayrton Senna voor hem bijzonder maakte, naast zijn prestaties, was dat hij zo vaak als hij maar kon terugkeerde naar huis om zijn successen dáár te vieren. Iedereen wist wel dat Ayrton ook huizen had in Monaco, Portugal en bij Rio de Janeiro, maar toch was hij altijd een van hen gebleven, want in de zomer en winter was hij vaak hier. In zijn begintijd als Formule Ford rijder in Engeland hielp hij wanneer hij in de buurt was mee in de zaak van zijn vader.

We rekenen af en lopen de Rua São Pedro in, waar Ayrton Senna woonde vanaf zijn dertiende. Het was in die periode dat hij na jaren oefenen in zijn kart eindelijk wedstrijden mocht gaan rijden. De straat loopt enorm steil omhoog, en in de tien minuten dat we er zijn passeert er geen enkele auto. Wat een feest moet het geweest zijn om met je kart deze helling op en af te scheuren, iets wat Ayrton volgens Claudio destijds regelmatig deed.

Het huis in Sao Pedro (c) Erik Houben

Het huis zelf is net als het vorige middelgroot. Het heeft een kleine tuin en tegenwoordig een fanatiek blaffend keffertje achter het hek.

Het laatste ouderlijk huis staat nog wat verder noordelijk, aan de Avenida Nova Cantareira, de lange verbindingsweg van Santana naar Tremembé. Het is een flinke villa met een grote tuin en een meer dan manshoge heg, met daarbovenop schrikdraad. Bij de stevige toegangspoort hangt een aantal bewakingscamera’s.

Nova Cantareira (c) Erik Houben

25 meter verderop, aan de andere kant van de straat, staat een wachtershokje waarnaast een oudere man zit die de straat veegt en bewaakt. Erik loopt naar hem toe en vraagt of dit het huis is waar Ayrton Senna heeft gewoond. ‘Dat klopt,’ zegt de man, ‘maar die leeft helaas niet meer.’ Er komen volgens hem af en toe nog Braziliaanse fans kijken, maar mensen uit Europa heeft hij zelden gezien. In Ayrtons hoogtijdagen was het weleens druk in de straat, vooral als hij weer een kampioenschap had gewonnen ende fans wisten dat hij thuis was. De politie moest er in 1991 na zijn winst in de Grand Prix op Interlagos aan te pas komen om de fans buiten het hek te houden. De man herinnert zich vooral hoe Ayrton kwam en ging op zijn rode Ducati, die hij regelmatig nam in plaats van de auto. Ayrton heeft ooit gezegd dat hij dat deed als hij niet herkend wilde worden. Hij droeg dan een blanco witte helm in plaats van zijn geel-groene racehelm.

We staan dan wel op een heuvel met uitzicht over een heel grote stad, maar de sfeer is hier zoals in een dorp. Het is rustig, het is groen en er staan nauwelijks hoge gebouwen. Het lawaai dat je in het centrum van São Paulo hoort, is hier veel minder. Ayrton Senna was weliswaar een jongen uit de stad, maar we zien dat hij in relatief rustige buurten is opgegroeid, waar de mensen het zeker wel wat beter hadden dan de gemiddelde Braziliaan. We naderen de brug over de Tietê en zien de plek waar de allerarmsten van Brazilië leven. Op het talud brengen ze in tentjes en onder bomen hun dagen door, nogal eens onder invloed van drank of drugs, maar ook bijna altijd met een tv’tje in de buurt. Hele gezinnen leven daar. Ook kinderen worden eropuit gestuurd om brood op de plank te brengen, hetzij via schoenenpoetsen en blikjes verzamelen, hetzij op criminele wijze. Ayrton Senna zag deze armoede een aantal keer per week als hij met zijn vader naar de kartbaan reed. Later zou hij zijn rijkdom inzetten om vooral de problemen van deze kinderen aan te pakken. Het heeft hem in Brazilië nog legendarischer gemaakt dan hij als coureur al was.

Het boek ‘Senna, leven en carrière van ’s werelds beste coureur’ van Olav Mol en Erik Houben ligt vanaf komende dinsdag in de winkel, maar is nu al te bestellen.

Jouw reactie