Zo werkt de Formule 1: Cockpit

Charles Leclerc (c) Alfa Romeo Sauber

In het boek ‘Zo werkt de Formule 1’ legt Olav Mol het een en ander uit over de cockpit.

De plaats waar de coureur zit is de cockpit. Allereerst is daar het racestoeltje. Zo’n stoel van carbon weegt minder dan een kilo en wordt soms bekleed van binnen om het wat aangenamer te maken voor de coureur. Het stoeltje wordt ook voor iedere coureur op maat gemaakt. Daarvoor moet de coureur op de fabriek in een zak met schuim gaan zitten, die daarna uithardt met exact de vorm van de rug, billen en benen van de rijder. Op basis van die pasvorm wordt dan het unieke racestoeltje gemaakt. Sinds 2002 zijn er ook teams die een volledige 3D-scan van de rug van de coureur laten maken om zo eventuele minieme verschillen tussen de geschuimde versie en de gescande versie op te lossen.

Als de coureur gaat racen, wordt hij vastgegespt in een zespuntsveiligheidsgordel en zijn helm en nek worden vastgemaakt aan het HANS-systeem dat de kans op nekletsel bij crashes vermindert. Ook is er aan de bovenkant van de cockpit nog een extra beschermende rand, die tot over de schouders gaat en bij in- en uitstappen moet worden verwijderd.

Stuur

Het stuur is allang niet meer alleen om de auto een bocht mee in te sturen. Formule 1-stuurtjes vormen het zenuwcentrum van de auto. Het zijn gecompliceerde computers met een eigen lcd-beeldscherm en een keur aan knoppen en schakelaars waarmee de rijder tijdens de race zelf allerlei dingen aan kan passen. Zo kan de coureur het benzinemengsel en de stijfheid van de vering aanpassen, het startsysteem activeren, de drinkpomp bedienen, de toerenbegrenzer inschakelen, de rembalans wijzigen, de radio in- en uitzetten en uiteraard schakelen met de flippers achter het stuur. Op het lcd-scherm kan informatie worden uitgelezen over het toerental, de rondetijden, snelheid en versnelling. De raceleiding gebruikt het stuur om met de rijder te communiceren. Op het stuur zitten lampjes die overeenkomen met de gekleurde vlaggen van de marshalls langs het circuit en die een rijder waarschuwen bij gevaarlijke situaties.

(c) Red Bull Content Pool

Aan de achterkant van het stuur zitten de koppeling en de schakelflippers voor op- en terugschakelen. De koppeling wordt alleen gebruikt om de auto van neutraal in de eerste versnelling te zetten bij de start en in de pitbox. Daarna wordt met de flippers op- en teruggeschakeld langs de acht versnellingen. Ferrari was in 1989 het eerste team dat het schakelmechanisme veranderde van een schakelpook naar een semiautomatische versnellingsbak met flippers achter het stuur. Nigel Mansell won er direct de eerstvolgende race mee, de Grand Prix van Brazilië in Jacarepagua. Het zou echter nog een paar jaar duren, voordat alle teams een goed werkend vergelijkbaar systeem hadden.

In tegenstelling tot vroeger beschikken de stuurtjes tegenwoordig allemaal over stuurbekrachtiging, wat het mogelijk maakt om ze klein en licht te houden. Het totale prijskaartje van een Formule 1-stuur: tussen de 10.000 en 20.000 euro.

Wil je meer weten over de achtergronden van de Formule 1? Lees dan ‘Zo werkt de Formule 1’.