Williams op zoek naar de weg omhoog

Stroll tijdens de USGP, 2017 (c) Williams Martini Racing

Williams maakte weinig vrienden deze winter. Waar velen dachten dat de renstal uit Grove voor 2018 een stoeltje had gereserveerd voor publiekslieveling Robert Kubica, daar koos het team voor de onbekende (en onbeminde?) Sergej Sirotkin.

Waar Kubica het hele vorige seizoen de kans kreeg om aan een moderne (zij het van 2014 daterende) Formule 1-auto te rijden en hem dat gedurende het jaar steeds beter afging, daar liet Sirotkin tijdens de laatste test van het jaar in Abu Dhabi direct zien ook wat in zijn mars te hebben. Bovendien neemt hij een hoop roebels mee.

De keuze voor de 22-jarige Sirotkin lijkt dan ook een keus van het verstand boven het hart, maar dat valt Williams niet kwalijk te nemen. Sterker nog, het team heeft geen alternatief. De ooit zo dominante stal (met wereldkampioenen als Ayrton Senna, Alain Prost, Nigel Mansell en Damon Hill in de gelederen) heeft de afgelopen jaren simpelweg de boot gemist en zal alle zeilen moeten bijzetten voor lijfsbehoud. Dat het daarbij in eerste instantie voor het geld kiest, is niet meer dan logisch.

Vooral de laatste twee jaar waren de prestaties matig: waar het team in 2014 en 2015 nog derde werd in het constructeurskampioenschap daar zag de stal in de afgelopen twee jaar niet alleen Ferrari en Red Bull langszij komen, maar ook het geweldig presterende Force India. Komend seizoen zal wat dat betreft niet gemakkelijker worden, want ondanks de steun van Mercedes-krachtbronnen hijgen Renault en McLaren nadrukkelijk in de nek van Williams.

De hoop is dit jaar dan ook gevestigd op twee zaken: de betrouwbaarheid van de Mercedes-motoren en en het vernuft van Paddy Lowe. Om te beginnen met die betrouwbaarheid: concurrent Renault heeft al aangegeven dat het daar dit seizoen moeilijk mee gaat krijgen. Dit jaar mogen er nog maar drie motoren worden gebruikt en we hebben gezien wat de Fransen afgelopen seizoen met vijf reglementaire vijf motoren per auto klaarspeelden: kapotte turbo’s, elektronische problemen, gridstraffen en tweederangs onderdelen. Doemscenario’s liggen op de loer voor Red Bull, Renault en McLaren, maar mogelijk kan Williams zich daar met de veel betrouwbaardere Mercedes-krachtbron aan optrekken.

Het tweede element waar Williams dit seizoen optimaal gebruik van wil maken is Paddy Lowe. De chief technical officer keerde vorig seizoen na 25 jaar terug bij zijn eerste liefde. De in Kenia geboren Brit was in de jaren tachtig en negentig bij Williams onder andere verantwoordelijk voor vernuftige gadgets als actieve wielophanging en maakte in 1992 Nigel Mansell wereldkampioen. Lowe vertrok bij Williams om zijn heil te zoeken bij achtereenvolgens McLaren (1993-2013, drie wereldtitels) en Mercedes (2014-2016, drie wereldtitels). Geen wonder dat ze bij Williams dolblij waren toen Lowe begin 2017 na een korte sabbatical als de verloren zoon terugkeerde in Grove.

Hij kon zijn stempel nog niet drukken op de auto van 2017, maar Lowe moet Williams vanaf dit jaar nieuw elan geven. Met de Canadese dollars en roebels van Stroll en Sirotkin en het leistungsvermögen van Mercedes moet dat mogelijk zijn. Felipe Massa was onlangs even terug in de fabriek van Williams en was verrast door wat hij daar aantrof. Volgens de Braziliaan heeft de FW41 enkele interessante aanpassingen en ziet de auto er veel agressiever en veelbelovend uit. Als nu ook Stroll en Sirotkin nog thuis (en gas) geven dan konden we de witte bolides dit seizoen misschien wel eens wat vaker van voren zien.